Waarom krijgt mijn beemdooievaarsbek bruine bladeren?
Geranium pratense
Bruine bladeren bij Beemdooievaarsbek komen meestal door droogtestress of te veel felle zon in combinatie met droge grond. Deze vaste plant heeft een matige waterbehoefte en kan bij langdurige droogte bruine bladranden en verschroeide bladeren krijgen. Controleer eerst de bodemvochtigheid en geef indien nodig extra water.

Meest waarschijnlijke oorzaken
Droogtestress bij warm weer
Symptomen: Bladeren worden bruin vanaf de randen, voelen droog en papierachtig aan. De bodem is kurkdroog en de plant gaat slap hangen, vooral op warme middagen.
Oplossing: Geef direct grondig water tot de bodem 10-15 cm diep vochtig is. Water daarna regelmatig, vooral in droge perioden, bij voorkeur 's ochtends. Breng een laagje compost of mulch aan rond de plant om vocht vast te houden.
Verbranding door felle zon op droge grond
Symptomen: Bruine, verschroeide vlekken op bladeren die het meest aan de zon blootgesteld zijn. De plant staat op een zeer zonnige plek en de grond droogt snel uit.
Oplossing: Zorg voor voldoende water tijdens hete perioden. Overweeg lichte schaduw tijdens het heetst van de dag of verplaats de plant naar een plek met ochtendzon en middagschaduw.
Natuurlijke veroudering na bloei
Symptomen: Oudere, onderste bladeren worden geleidelijk bruin en verdrogen na de bloeiperiode in de zomer. De rest van de plant ziet er nog gezond uit.
Oplossing: Knip de plant na de bloei terug tot net boven de grond. Dit stimuleert nieuwe, frisse bladgroei en soms een tweede bloei in het najaar. Verwijder regelmatig dode bladeren.
Schimmelinfectie door te vochtige omstandigheden
Symptomen: Bruine vlekken met gelige of donkere randen, vaak beginnend op oudere bladeren. Bladeren kunnen klam aanvoelen en er kan schimmelgroei zichtbaar zijn.
Oplossing: Verwijder aangetaste bladeren direct. Zorg voor betere luchtcirculatie door planten niet te dicht op elkaar te zetten. Water aan de voet van de plant, niet over het blad.
Plant Beemdooievaarsbek op een plek met goede drainage en voldoende vocht in de bodem, idealiter in halfschaduw op leem- of kleigrond. Knip de plant na de eerste bloei terug voor verse bladgroei en voorkom dat planten te dicht op elkaar staan voor goede luchtstroom. Geef in droge zomers regelmatig water en breng in het voorjaar compost aan om de bodemstructuur en het vochtvasthoudend vermogen te verbeteren.