Waarom krijgt mijn bonen (stok) gele bladeren?
Phaseolus coccineus
Gele bladeren bij stokbonen ontstaan meestal door stikstoftekort of te weinig water, vooral tijdens de bloei en peulvorming. Begin met controleren of de grond vochtig genoeg is en geef zo nodig een stikstofrijke meststof. Bij gezonde stokbonen zijn de onderste bladeren soms lichtgeel, maar de jonge bladeren bovenin moeten helder groen blijven.

Meest waarschijnlijke oorzaken
Stikstoftekort in de grond
Symptomen: De oudere, onderste bladeren worden eerst geel, terwijl de nerven soms nog groen blijven. De plant groeit traag en de stengels blijven dun. Peulvorming is beperkt of de peulen blijven klein.
Oplossing: Geef een stikstofrijke meststof zoals bloedmeel of een vloeibare groentemeststof (NPK 7-3-5). Werk compost door de grond rond de voet van de plant. Herhaal de bemesting na drie weken als de bladeren niet vergroenen.
Te weinig water bij droogte
Symptomen: Bladeren worden slap en geel, vooral aan de randen. De grond voelt droog aan tot 5 cm diep. De plant laat overdag de bladeren hangen, ook na het gieten blijven ze gelig.
Oplossing: Geef 2-3 keer per week flink water (10-15 liter per m²), vooral tijdens bloei en peulvorming. Breng een laag compost of stro aan als mulch om vocht vast te houden. Water bij voorkeur 's ochtends aan de voet.
Verdichte of te natte kleigrond
Symptomen: Gele bladeren over de hele plant, soms met bruine vlekken. De grond blijft lang nat na regen of gieten. Wortels zijn bruin of slap bij controle, en de plant groeit nauwelijks.
Oplossing: Verbeter de drainage door grof zand of compost door de kleigrond te werken. Maak een verhoogd bed of heuvel voor betere afwatering. Geef minder water en alleen als de bovenste laag grond droog aanvoelt.
Schade door bonenvlieg of wortelproblemen
Symptomen: Gele bladeren verschijnen plotseling, vooral bij jonge planten. De stengelbasis is aangetast of vertoont gaatjes. Bij opgraven zie je maden in de wortels of bruine, aangevreten wortels.
Oplossing: Verwijder aangetaste planten direct om verspreiding te voorkomen. Zaai vervangende planten op een andere plek of in potten. Dek de grond af met insectennet bij het zaaien om bonenvlieg te weren.
Werk voor het zaaien rijpe compost door de leem- of kleigrond en zorg voor goede drainage. Zaai stokbonen pas na half mei als de grond warm genoeg is (minimaal 12°C), want koude grond verzwakt de wortels. Geef regelmatig water tijdens droge perioden en mulch de voet met stro, dan blijven de bladeren gezond groen.