Hoe los ik meeldauw op mijn japanse anemoon op?
Anemone × hybrida
Meeldauw op Japanse anemoon herken je aan het witte, poederachtige laagje op de bladeren en komt vooral voor bij droge grond gecombineerd met vochtige lucht. De eerste stap is het verwijderen van aangetaste bladeren en het verbeteren van de luchtcirculatie rond de plant. Met de juiste aanpak krijg je de schimmel snel onder controle.

Meest waarschijnlijke oorzaken
Droge grond met vochtige lucht
Symptomen: Wit poederachtig laagje op bovenkant bladeren, vooral op oudere bladeren onderaan. De grond voelt droog aan terwijl de lucht vochtig is, bijvoorbeeld na warme, droge periodes gevolgd door koele nachten.
Oplossing: Verwijder aangetaste bladeren en gooi ze weg (niet composteren). Geef de plant regelmatig water aan de voet, niet over het blad. Mulch de grond met compost om vocht vast te houden.
Te weinig luchtcirculatie
Symptomen: Meeldauw begint in het midden van dichte planten waar bladeren elkaar raken. De plant staat te dicht op andere vaste planten of in een beschutte hoek zonder wind.
Oplossing: Dun de plant uit door een derde van de stengels bij de basis weg te knippen. Zorg voor 40-50 cm ruimte rond de plant en verwijder overhangende takken van struiken erboven.
Verzwakte plant door verkeerde standplaats
Symptomen: Meeldauw verschijnt elk jaar opnieuw, bladeren zijn ook lichter van kleur. De plant staat op arme zandgrond in plaats van de voorkeur voor leem- of kleigrond.
Oplossing: Verbeter de grond met een laag compost en kleikorrels om het vochtvasthoudend vermogen te verhogen. Geef in het voorjaar organische mest. Overweeg verplaatsen naar een betere plek in het najaar.
Schimmelsporen van vorig seizoen
Symptomen: Meeldauw verschijnt elk voorjaar op dezelfde plek, vaak al vroeg in het seizoen op jonge bladeren. Je ziet dezelfde witte vlekken terugkomen op plekken waar vorig jaar ook meeldauw zat.
Oplossing: Knip in het najaar alle stengels tot op de grond af en ruim het blad op. Spuit in het vroege voorjaar preventief met een oplossing van 1 deel melk op 9 delen water, elke 10 dagen herhalen.
Plant Japanse anemonen met voldoende ruimte (50 cm tussenafstand) op een plek met goede luchtcirculatie in leem- of kleigrond. Houd de grond gelijkmatig vochtig met een mulchlaag en water bij droogte, maar vermijd nat blad. Ruim elk najaar al het blad op en geef in het voorjaar compost voor een sterke, weerbare plant.