Waarom verliest mijn lupine bladeren?
Lupinus polyphyllus
Bladverlies bij lupine komt meestal door te veel water of schimmelinfecties. Lupines hebben een matig waterbehoefte en goed doorlatende grond nodig. Controleer eerst of de grond niet te nat is en verwijder aangetaste bladeren om verdere verspreiding te voorkomen.

Meest waarschijnlijke oorzaken
Te veel water of slechte drainage
Symptomen: De onderste bladeren verkleuren eerst geel en vallen af. De grond voelt langdurig nat aan en de plant groeit slecht. Soms zie je ook bruine vlekken op de bladeren.
Oplossing: Geef minder water en laat de bovenste laag grond tussen waterbeurten opdrogen. Verbeter de drainage door zand of compost door de grond te werken. Bij potplanten: controleer of het water goed wegloopt.
Schimmelziekte (meeldauw of bladvlekkenziekte)
Symptomen: Je ziet witte poederachtige aanslag (meeldauw) of bruine tot zwarte vlekken op de bladeren. De aangetaste bladeren verdrogen en vallen af, vaak beginnend onderaan de plant.
Oplossing: Verwijder alle aangetaste bladeren en gooi ze weg (niet op de compost). Zorg voor betere luchtcirculatie door planten niet te dicht op elkaar te zetten. Besproei bij aanhoudende problemen met een biologisch schimmelmiddel.
Natuurlijke veroudering na bloei
Symptomen: De bladeren worden geel en vallen af nadat de plant is uitgebloeid, vooral in de zomer. Dit gebeurt geleidelijk en begint bij de oudste bladeren onderaan.
Oplossing: Dit is normaal gedrag. Knip de bloeiaren na de bloei af om een tweede bloei te stimuleren. Geef wat compost om de plant te versterken voor nieuwe bladgroei.
Bladluizen of andere plagen
Symptomen: Je ziet kleine insecten op de onderkant van bladeren of op jonge scheuten. De bladeren krullen, verkleuren en vallen uiteindelijk af. Soms is er kleverige honingdauw aanwezig.
Oplossing: Spuit de bladluizen af met een harde straal water of gebruik groene zeep. Herhaal dit enkele keren per week. Trek sterk aangetaste bladeren weg.
Plant lupines op een plek met goede drainage in zand- of leemgrond en vermijd te veel water. Geef ze voldoende ruimte (40-50 cm) voor goede luchtcirculatie en plant ze bij voorkeur op een zonnige plek. Verwijder uitgebloeide bloemen en dood blad regelmatig om schimmelziekten te voorkomen.