Hoe bescherm ik mijn prei tegen slakken?
Allium porrum
Slakken vreten graag aan jonge preiplanten en kunnen vooral in vochtige periodes flinke schade aanrichten. De meest effectieve aanpak is een combinatie van fysieke barrières en het verwijderen van schuilplekken. Begin direct met handmatig afzoeken in de ochtend of avond, wanneer slakken het actiefst zijn.

Meest waarschijnlijke oorzaken
Vochtige omgeving en schuilplekken
Symptomen: Je ziet slijmsporen rond de planten en vindt slakken onder plantenresten, stenen of planken. Vooral 's ochtends vroeg of na regen zijn ze actief zichtbaar tussen de prei.
Oplossing: Verwijder alle plantenresten, onkruid en losse materialen rond de prei. Houd de grond tussen de rijen droog door overdag te gieten en zorg voor goede ventilatie tussen de planten.
Jonge, kwetsbare preiplanten
Symptomen: Vooral jonge zaailingen en pas uitgeplante prei vertonen vraatschade aan de bladeren met karakteristieke gaten en afgekloven randen. De planten groeien slecht door en kunnen zelfs afsterven.
Oplossing: Bescherm jonge prei met koperen ringen of slakkenkragen rond elke plant. Je kunt ook een barrière van scherpe materialen zoals eierschalen, zaagsel of diatomeeënaarde rond de rijen strooien.
Gebrek aan natuurlijke vijanden
Symptomen: Je ziet veel slakken maar weinig egels, loopkevers of lijsters in de tuin. De slakkenpopulatie neemt wekelijks toe zonder natuurlijke controle.
Oplossing: Creëer een egel- of keverhotel in de buurt en laat een wilde hoek in de tuin staan. Ga 's avonds handmatig slakken verzamelen en zet ze ver van de tuin of voer ze aan kippen als je die hebt.
Te dichte beplanting
Symptomen: De preiplanten staan dicht op elkaar waardoor de grond tussen de planten vochtig en schaduwrijk blijft. Slakken vinden hier overdag gemakkelijk beschutting.
Oplossing: Plant prei op minimaal 10-15 cm afstand en houd rijen op 30 cm uit elkaar. Schoffel regelmatig tussen de rijen om de grond los en droog te houden en slakken te verstoren.
Plant prei volgend seizoen op een zonnige, goed gedraineerde plek en houd de tuin netjes zonder overtollige schuilplekken. Zaai of plant iets later in het seizoen wanneer de planten sneller groeien en minder kwetsbaar zijn. Lok natuurlijke vijanden zoals egels en loopkevers naar je tuin met wilde hoekjes en blijvende schuilplekken op afstand van de moestuin.