Sierkwee (Pyrus calleryana 'Chanticleer')
Foto: Bruce Marlin / Wikimedia Commons / CC BY 3.0bron

Sierkwee

Pyrus calleryana 'Chanticleer'

Engels: Ornamental Pear

boomRosaceae

Sierkwee (Pyrus calleryana 'Chanticleer') is een boom uit de familie Rosaceae die tot 12 meter hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon tot halfschaduw en vraagt weinig onderhoud. Bloeit in de lente met witte bloemen en trekt bijen en vogels aan.

Hoogte

800–1200 cm

Breedte

400–600 cm

Zonligging

volle zon, halfschaduw

Waterbehoefte

weinig water

Grondsoort

kleigrond, leemgrond, kalkgrond

Onderhoud

weinig onderhoud

Bloeitijd

lente

Bloemkleuren

witte

Ecologische waarde

Trekt bijen aan
Trekt vogels aan

Verzorgingskalender

TaakJanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDec
🌱Planten
✂️Snoeien
💧Bemesten
Krijg een mail wanneer dit moment voor jouw sierkwee aanbreekt.

Verzorgingstips

Planten

De sierkwee 'Chanticleer' plant je bij voorkeur in oktober, november of maart, wanneer de grond voldoende vochtig is maar niet bevroren. Kies een standplaats in volle zon of halfschaduw; de boom verdraagt beide omstandigheden goed, maar bloeit het rijkst in volle zon. Deze Pyrus calleryana gedijt uitstekend op kleigrond, leemgrond en kalkgrond, en stelt weinig eisen aan de bodemstructuur. Zorg wel dat de grond goed doorlatend is, want langdurige wateroverlast verdraagt de boom slecht. Graaf een plantgat dat minstens anderhalf keer zo breed en even diep is als de kluit. Verbeter zware kleigrond eventueel met wat compost voor een betere doorluchting. Plaats de boom zo dat de bovenkant van de kluit gelijk ligt met het maaiveld; te diep planten kan wortelrot veroorzaken. Vul het gat met de uitgegraven grond en druk stevig aan om luchtholtes te voorkomen. Geef direct na het planten flink water, ook al is de grond al vochtig, om de wortels goed contact te laten maken met de aarde. Houd een plantafstand van minimaal 600 centimeter aan tot andere bomen of grote struiken, zodat de 'Chanticleer' voldoende ruimte krijgt om zijn slanke, kegelvormige kroon te ontwikkelen. De boom wordt 8 tot 12 meter hoog en 4 tot 6 meter breed. Plaats bij jonge bomen een stevige boomstek aan de loefzijde en bevestig de stam met een boomband. Breng na het planten een laag mulch van 5 tot 7 centimeter aan rond de stam, maar houd de mulch enkele centimeters van de stam zelf vandaan om schimmelvorming te voorkomen.

Snoeien

De sierkwee 'Chanticleer' snoei je in de wintermaanden december, januari of februari, wanneer de boom in volledige rust is en er geen vorst in de grond zit. Snoeien tijdens de vorstperiode kan schade aan het hout veroorzaken. Het grote voordeel van winterse snoei is dat je de structuur van de boom goed kunt beoordelen zonder bladerdek, en dat eventuele wonden beter kunnen genezen voordat het groeiseizoen begint. Gebruik altijd scherp en schoon gereedschap: een snoeischaar voor takken tot 2 centimeter dik, een snoeizaag voor dikkere takken. Deze Pyrus calleryana heeft van nature een mooie, slanke kegelvorm en vraagt weinig snoeiwerk. Beperk je tot het verwijderen van dode, beschadigde of zieke takken, en takken die naar binnen groeien of elkaar kruisen. Knip ook eventuele waterloten weg – dat zijn de steil omhoog groeiende, niet-bloeiende scheuten die vaak aan de stam of hoofdtakken verschijnen. Verwijder takken altijd net boven een knop of zijtak, en zaag grotere takken in fasen af om scheuren in de bast te voorkomen. Omdat de 'Chanticleer' een sterke leider heeft en weinig tot geen vormsnoei nodig heeft, is het belangrijk om niet te veel weg te halen. Te drastisch snoeien stimuleert juist ongewenste waterlotvorming. Bij jonge bomen kun je de eerste jaren licht corrigeren om een rechte stam en gelijkmatige kroonopbouw te bevorderen. Oudere exemplaren hebben vaak alleen opruimsnoei nodig. Snij nooit meer dan 20 procent van de kroon weg in één seizoen, tenzij er sprake is van stormschade of ziekte.

Onderhoud

De sierkwee 'Chanticleer' heeft een laag waterbehoefte en is na het aanslaan zeer droogtetolerant. Gedurende het eerste groeiseizoen na planten geef je wekelijks water bij droogte, zodat het wortelstelsel zich goed kan vestigen. Daarna is extra water alleen nodig tijdens langdurige droogteperiodes in de zomer. Geef dan eens per twee weken een flinke hoeveelheid (circa 20 liter voor een volwassen boom), zodat het water diep doordringt. Te frequent sproeielen stimuleert juist oppervlakkige beworteling. Bemest de boom in maart of april met een organische meststof zoals compost of wel verteerde stalmest. Strooi een laag van enkele centimeters rond de stam, tot aan de rand van de kroonprojectie, en werk dit licht in. Volwassen bomen op voedselrijke grond hebben vaak helemaal geen extra bemesting nodig; let op de bladkleur en groei om te beoordelen of voeding nodig is. Te veel stikstof kan leiden tot weelderige groei die gevoelig is voor vuur- en bacterievuur. Vuurbrand (Erwinia amylovora) is de belangrijkste ziekte bij sierkweeën. Verwijder aangetaste takken direct tot 30 centimeter in het gezonde hout en desinfecteer je gereedschap na elke snede. Bladluizen kunnen in het voorjaar voorkomen; deze spoel je af met water of laat je over aan natuurlijke vijanden zoals lieveheersbeestjes. Overwinteren vraagt geen speciale maatregelen; de boom is winterhard tot zone 5a. Vernieuw de mulchlaag jaarlijks in het voorjaar om vocht vast te houden en onkruid te onderdrukken.

Meer over deze plant

Veelvoorkomende problemen bij sierkwee

Combineert goed met

Gerelateerde gidsen

Gratis verzorgings-herinnering

Vergeet nooit meer iets voor je sierkwee

Ontvang een melding wanneer het tijd is om je sierkwee te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.