Bergden (Pinus mugo)
Foto: Agnieszka Kwiecień, Nova / Wikimedia Commons / CC BY 2.5bron

Bergden

Pinus mugo

Engels: Mountain pine

boomPinaceaeWintergroen

Bergden (Pinus mugo) is een wintergroen boom uit de familie Pinaceae die tot 300 cm hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon en vraagt weinig onderhoud. Bloeit in de lente en trekt vogels aan.

Hoogte

100–300 cm

Breedte

200–400 cm

Zonligging

volle zon

Waterbehoefte

weinig water

Grondsoort

zandgrond, leemgrond

Onderhoud

weinig onderhoud

Bloeitijd

lente

Ecologische waarde

Trekt vogels aan

Verzorgingskalender

TaakJanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDec
🌱Planten
✂️Snoeien
💧Bemesten
Krijg een mail wanneer dit moment voor jouw bergden aanbreekt.

Verzorgingstips

Planten

De bergden plant je het beste in maart, april, september of oktober, wanneer de grond voldoende vochtig is maar niet bevroren. Kies een plek in volle zon; deze naaldboom heeft minimaal zes uur direct zonlicht per dag nodig om compact en gezond te blijven. De bergden gedijt uitstekend op zandgrond of leemgrond, mits de drainage goed is. Zware kleigrond is minder geschikt, tenzij je deze verbetert met grof zand of grind om wateroverlast te voorkomen. Graaf een plantgat dat ongeveer anderhalf keer zo breed en even diep is als de kluit. Meng de uitgegraven grond eventueel met wat compost, maar overdrijf niet: de bergden heeft geen rijke voedingsbodem nodig en groeit zelfs goed op schrale grond. Plaats de kluit zo dat de bovenkant gelijk ligt met het maaiveld; te diep planten kan wortelrot veroorzaken. Houd een plantafstand van minimaal 200 centimeter aan, want deze conifeer wordt 200 tot 400 centimeter breed en heeft ruimte nodig om zijn brede, kruipende vorm te ontwikkelen. Vul het plantgat met de uitgegraven grond en druk stevig aan om luchtholtes te vermijden. Geef direct na het planten flink water, ook al heeft de bergden een laag waterbehoefte; dit helpt de wortels goed contact te maken met de omringende grond. Een dunne laag mulch van dennennaalden of houtsnippers rondom de plant helpt vocht vast te houden en onkruid te onderdrukken, maar houd de mulch enkele centimeters van de stam vandaan. Extra steun is niet nodig; de bergden groeit van nature laag en breed en blijft stabiel zonder palen.

Snoeien

De bergden snoei je in mei of juni, wanneer de nieuwe groei – de zogenaamde 'kaarsen' – net is uitgegroeid maar nog niet volledig is verhard. Dit is het ideale moment omdat je dan de vorm kunt sturen zonder in oud hout te snijden, wat bij coniferen vaak niet meer uitloopt. Gebruik een scherpe snoeischaar of tuinschaar; zorg dat het gereedschap schoon is om schimmelinfecties te voorkomen. Bij de bergden draait snoeien vooral om het in model houden en het bevorderen van een compacte, dichte groei. Knip de nieuwe kaarsen met ongeveer de helft tot tweederde terug. Dit stimuleert vertakking en voorkomt dat de plant te wijd uitgroeit. Let op: snoei nooit terug tot in het oude, bruine hout zonder naalden, want daar komen geen nieuwe scheuten meer uit. Als je de bergden compact wilt houden, herhaal deze snoei dan jaarlijks in mei of juni. Verwijder ook dode, beschadigde of naar binnen groeiende takken om de luchtstroom te verbeteren en ziekten te voorkomen. Takken die over elkaar heen groeien kun je bij de basis wegknippen. Wil je de natuurlijke, brede vorm behouden, dan volstaat licht snoeien of zelfs helemaal geen snoei; de bergden is van nature laag en breed en houdt zichzelf redelijk in vorm. Snoei nooit in de herfst of winter, omdat open wonden dan gevoeliger zijn voor vorst en schimmelinfecties. Ook in de zomer na juni is snoeien minder verstandig, omdat de plant dan minder energie heeft om te herstellen. Houd je aan mei of juni voor het beste resultaat.

Onderhoud

De bergden heeft een laag waterbehoefte en is goed bestand tegen droogte, vooral als de plant eenmaal is ingeworteld. In het eerste groeiseizoen na het planten geef je wekelijks water bij droogte, daarna is bijgieten zelden nodig. Alleen tijdens langdurige, extreme droogte in de zomer kun je incidenteel water geven. Let op dat de grond goed doorlatend blijft; de bergden verdraagt geen natte voeten en wortelrot treedt snel op bij wateroverlast. Bemesten is beperkt nodig. Geef in maart een handvol organische meststof of speciale coniferen-meststof rond de voet van de plant. Werk dit licht in de bovenste laag grond en water daarna kort na. Meer bemesten is niet nodig; te veel stikstof leidt tot slap, welig groeiend hout dat gevoeliger is voor vorst en ziekten. Op schrale zandgrond mag je eventueel in juni nog een lichte gift geven, maar dat is geen vereiste. Overwinteren is geen probleem: de bergden is winterhard tot zone 3 en verdraagt vorst tot ver onder de min twintig graden. Extra bescherming is overbodig. Wel kun je in het voorjaar eventuele bruine naalden die door winterwind zijn verbrand, voorzichtig verwijderen. Ziekten en plagen komen weinig voor bij de bergden. Incidenteel kan dennenbladluis optreden; spuit dan met een zachte zeepoplossing of laat natuurlijke vijanden hun werk doen. Schimmelziekten zoals Lophodermium kunnen voorkomen bij te vochtige omstandigheden; voorkom dit door goede drainage en voldoende afstand tussen planten. Mulch jaarlijks licht bij met dennennaalden of houtsnippers om de grond gezond te houden en onkruid te weren.

Meer over deze plant

Combineert goed met

Gerelateerde gidsen

Gratis verzorgings-herinnering

Vergeet nooit meer iets voor je bergden

Ontvang een melding wanneer het tijd is om je bergden te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.