Cherrytomaat (Solanum lycopersicum var. cerasiforme)
Foto: Ivar Leidus / Wikimedia Commons / CC BY-SA 4.0bron

Cherrytomaat

Solanum lycopersicum var. cerasiforme

Engels: Cherry Tomato

groenteSolanaceaeEetbaar

Cherrytomaat (Solanum lycopersicum var. cerasiforme) is een eetbaar groente uit de familie Solanaceae die tot 150 cm hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon en vraagt gemiddeld onderhoud. Bloeit in de zomer met gele bloemen en trekt bijen aan.

Hoogte

30–150 cm

Breedte

30–100 cm

Zonligging

volle zon

Waterbehoefte

gemiddeld

Grondsoort

leemgrond, zandgrond

Onderhoud

gemiddeld onderhoud

Bloeitijd

zomer

Bloemkleuren

gele

Ecologische waarde

Trekt bijen aan

Verzorgingskalender

TaakJanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDec
🌱Planten
✂️Snoeien
💧Bemesten
Krijg een mail wanneer dit moment voor jouw cherrytomaat aanbreekt.

Verzorgingstips

Planten

Cherrytomaten zaai je vanaf half maart voor op een lichte, warme plek binnenshuis, bijvoorbeeld op de vensterbank of in een verwarmde kas. Zaai de zaadjes ongeveer 0,5 cm diep in zaai- of potgrond en houd de temperatuur rond 20–22 °C voor een snelle kieming. Zodra de plantjes twee echte blaadjes hebben, prik je ze uit in grotere potjes. Vanaf half april, wanneer er geen nachtvorst meer wordt verwacht, kun je de jonge planten uitplanten in de volle grond of in grote potten op een beschutte plek in de volle zon. Cherrytomaten gedijen het beste op een warme, zonnige standplaats met minimaal zes uur direct zonlicht per dag. Bereid de grond voor door goed verteerde compost of oude mest door te werken; cherrytomaten zijn zware verzelaars en hebben een voedselrijke, goed doorlatende bodem nodig. Zowel leemgrond als zandgrond is geschikt, mits je zandgrond verrijkt met organisch materiaal om het vochthoudend vermogen te verbeteren. Plant de tomaten diep: begraaf de stengel tot aan de eerste echte bladeren, zodat er extra wortels langs de stengel ontstaan. Dit zorgt voor een steviger en gezonder wortelstelsel. Houd een plantafstand aan van 50 cm tussen de planten om voldoende luchtcirculatie te garanderen, wat schimmelziekten helpt voorkomen. Direct na het planten geef je royaal water en plaats je een stevige stok of spiraalstang van minimaal 150 cm naast elke plant. Bind de hoofdstengel losjes vast met zachte touw of speciale plantenklemmen. Breng een laag mulch aan rond de voet van de plant om vocht vast te houden en onkruid te onderdrukken. Cherrytomaten zijn niet winterhard (zone 10a–11b) en worden in Nederland en Vlaanderen als eenjarige geteeld.

Snoeien

Cherrytomaten snoei je vanaf juni tot en met augustus, tijdens de groei- en vruchtzetperiode. Het doel van snoeien is een gezonde plant met goede luchtcirculatie en energie die naar de vruchten gaat in plaats van naar overtollig blad. Bij hoge, stokgroeide cherrytomatenrassen is regelmatig snoeien essentieel; bij compacte, laagblijvende struikvormen (30–50 cm) is snoeien vaak niet nodig en kun je de plant gewoon laten groeien. Voor stokgroeide rassen verwijder je wekelijks de okselscheuten (zijscheuten) die in de bladoksels tussen de hoofdstengel en de bladstelen groeien. Doe dit als de scheuten nog klein zijn (5–10 cm), zodat je ze eenvoudig met duim en wijsvinger kunt afknippen of uitbreken. Laat één of twee hoofdstengels staan en verwijder de rest consequent. Gebruik geen schaar tenzij de scheuten te dik zijn; dan neem je een schone, scherpe snoeischaar om beschadiging en infecties te voorkomen. Vanaf half juli kun je ook de onderkant van de plant geleidelijk ontbladeren: verwijder de onderste bladeren tot aan de eerste vruchtentros. Dit bevordert de luchtstroom en vermindert de kans op bodemgebonden schimmelziekten zoals phytophthora. Eind augustus knip je de top van de plant af, zodat de energie naar het afrijpen van de bestaande vruchten gaat in plaats van naar nieuwe bloemen die toch niet meer uitgroeien voor de herfst. Bij struikvormen beperk je het snoeien tot het verwijderen van dood, ziek of beschadigd blad. Okselscheuten laat je zitten, omdat deze rassen van nature compact blijven en hun vruchten op de zijscheuten dragen. Werk altijd met schoon gereedschap om virusoverdracht te voorkomen.

Onderhoud

Cherrytomaten vragen om regelmatig en gelijkmatig water, vooral tijdens bloei en vruchtvorming. Geef bij droog weer twee tot drie keer per week water, bij voorkeur 's ochtends aan de voet van de plant. Vermijd water op het blad om schimmelziekten te voorkomen. De grond moet vochtig blijven maar niet drassig; te wisselend watergeven leidt tot gesprongen vruchten. In potten droogt de grond sneller uit, dus controleer dagelijks en geef zo nodig water. Mulch helpt het vocht vast te houden en de bodemtemperatuur stabiel te houden. Bemest vanaf mei tot en met juli elke twee weken met een speciale tomatenmest of vloeibare meststof rijk aan kalium en fosfor, die bloei en vruchtvorming stimuleren. Te veel stikstof geeft weelderig blad maar weinig vruchten. Volg de dosering op de verpakking; overbemesting kan wortelverbranding veroorzaken. Bij teelt in potten is regelmatig bemesten extra belangrijk omdat voedingsstoffen snel uitspoelen. Cherrytomaten zijn gevoelig voor phytophthora (aardappelziekte), vooral in vochtige, koele zomers. Symptomen zijn bruine vlekken op blad en stengels. Voorkom dit door goede luchtcirculatie, niet op het blad te gieten en preventief te spuiten met koperhoudende middelen. Ook bladluizen en witte vlieg komen regelmatig voor; bestrijdt deze met natuurlijke vijanden of zeepoplossing. Controleer wekelijks op ziekten en plagen. Omdat cherrytomaten niet winterhard zijn, eindigt de teelt na de eerste nachtvorst in het najaar. Oogst dan alle groene tomaten en laat ze binnenshuis narijpen op een warme plek. Ruim de planten volledig op en gooi ze niet op de compost als er ziekteverschijnselen waren, om herbesmetting te voorkomen.

Meer over deze plant

Veelvoorkomende problemen bij cherrytomaat

Combineert goed met

Gerelateerde gidsen

Gratis verzorgings-herinnering

Vergeet nooit meer iets voor je cherrytomaat

Ontvang een melding wanneer het tijd is om je cherrytomaat te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.