Papaver (Papaver orientale)
Foto: Christian Orlandi / Wikimedia Commons / CC BY-SA 4.0bron

Papaver

Papaver orientale

Engels: Oriental poppy

vaste plantPapaveraceae

Papaver (Papaver orientale) is een vaste plant uit de familie Papaveraceae die tot 90 cm hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon tot halfschaduw en vraagt weinig onderhoud. Bloeit in de late lente en vroege zomer met rode, oranje, roze bloemen en trekt bijen en vlinders aan.

Hoogte

60–90 cm

Breedte

40–60 cm

Zonligging

volle zon, halfschaduw

Waterbehoefte

gemiddeld

Grondsoort

leemgrond, zandgrond, kalkgrond

Onderhoud

weinig onderhoud

Bloeitijd

late lente, vroege zomer

Bloemkleuren

rode, oranje, roze

Ecologische waarde

Trekt bijen aan
🦋 Trekt vlinders aan

Verzorgingskalender

TaakJanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDec
🌱Planten
✂️Snoeien
💧Bemesten
Krijg een mail wanneer dit moment voor jouw papaver aanbreekt.

Verzorgingstips

Planten

De Oosterse klaproos (Papaver orientale) plant je het beste in maart, april, september of oktober. Deze vaste plant gedijt uitstekend op een plek in de volle zon, maar tolereert ook lichte halfschaduw. Kies een locatie waar de plant minimaal zes uur zonlicht per dag ontvangt voor de meest overvloedige bloei. De Papaver orientale is niet kieskeurig wat betreft grondsoort en groeit goed in leemgrond, zandgrond en zelfs kalkgrond. Wel is goede drainage essentieel: de plant verdraagt geen natte voeten en kan bij wateroverlast snel last krijgen van wortelrot. Verbeter zware kleigrond vooraf met scherp zand of compost om de doorlatendheid te vergroten. Werk de grond voor het planten circa 30 centimeter diep door en verwijder onkruid en stenen. Plant de klaprozen op een onderlinge afstand van 45 centimeter, zodat ze voldoende ruimte hebben om uit te groeien tot hun volledige breedte van 40 tot 60 centimeter. Graaf een plantgat dat ongeveer twee keer zo breed is als de kluit en even diep. Plaats de plant zo dat de bovenkant van de kluit gelijk ligt met het maaiveld. Te diep planten kan leiden tot rotting van de wortelkroon. Druk de grond stevig aan rondom de plant en geef direct na het planten een flinke hoeveelheid water om de wortels goed contact te laten maken met de bodem. Breng een laagje organische mulch aan rondom de plant, maar houd deze enkele centimeters van de stengelbasis af. Dit helpt vocht vast te houden en onderdrukt onkruid. In het najaar geplante exemplaren hebben de winter nodig om te wortelen en bloeien meestal het daaropvolgende voorjaar.

Snoeien

De Oosterse klaproos vraagt een specifieke snoeiaanpak die afwijkt van veel andere vaste planten. Het belangrijkste snoeimoment ligt in juli en augustus, direct na de bloei. Op dat moment zijn de opvallende bloemen uitgebloeid en beginnen de decoratieve zaaddozen zich te vormen. Als je geen zelfzaai wilt, knip dan de bloemstelen met zaaddozen direct na de bloei af tot net boven het bladrozet. Na de bloei trekt de Oosterse klaproos zich terug: het blad wordt geel en verdwijnt grotendeels. Dit is een natuurlijk proces waarbij de plant in zomerust gaat. Snoeien in juli-augustus betekent dat je al het vergeelde en verwelkte blad tot op de grond wegknipt. Gebruik een schone, scherpe snoeischaar om schoon werk te maken. Laat geen dode bladresten liggen, want deze kunnen schimmelziekten aantrekken. Belangrijk om te weten is dat de plant na deze zomerust opnieuw uitloopt met een fris bladrozet in augustus of september. Dit nieuwe blad blijft vaak groen overwinteren en vormt de basis voor de bloei van het volgende voorjaar. Raak dit nieuwe bladrozet niet aan en snoei het zeker niet weg in de herfst, ook al lijkt het verleidelijk om de borders 'op te ruimen' voor de winter. In het vroege voorjaar hoef je niet te snoeien. Verwijder alleen eventueel beschadigd of verrot blad dat de winter niet goed heeft doorstaan. De plant investeert haar energie dan in nieuwe bloemstelen. Dood blad dat in de winter is achtergebleven kun je voorzichtig wegtrekken. Vermijd het snoeien van gezonde bladeren in het voorjaar, want deze zijn nodig voor de opbouw van reserves na de bloei.

Onderhoud

De Oosterse klaproos is een onderhoudsvriendelijke vaste plant die weinig verzorging nodig heeft. Wat water betreft heeft de plant een gemiddelde behoefte. Geef in droge periodes tijdens het groeiseizoen (voorjaar) en rond de bloeitijd water, ongeveer één keer per week. Zorg dat de grond licht vochtig blijft maar nooit drijfnat wordt. In de zomer, wanneer de plant in rust is, heeft ze nauwelijks water nodig. Te veel water in deze periode kan zelfs schadelijk zijn. In het najaar, wanneer het nieuwe bladrozet verschijnt, geef je bij droogte opnieuw wat water. Bemest de Oosterse klaproos in maart en april met een organische meststof zoals compost of gerijpte stalmest. Werk een schepje compost licht door de bovenste laag grond rondom de plant. Je kunt ook kiezen voor een langzaamwerkende korrelmeststof voor vaste planten. Geef niet te veel stikstof, want dat bevordert bladgroei ten koste van de bloei. Na de bloei is bemesten niet meer nodig. De plant is uitstekend winterhard (zone 3-9) en heeft geen bescherming nodig in de Nederlandse winter. Het groene bladrozet dat in de herfst verschijnt blijft gewoon staan. Mulchen in de herfst met een dun laagje compost kan helpen, maar is niet noodzakelijk. Papaver orientale heeft weinig last van ziekten. Occasioneel kan valse meeldauw optreden bij vochtige omstandigheden, herkenbaar aan gelige vlekken op het blad. Verwijder aangetast blad direct. Bladluizen kunnen soms op jonge scheuten verschijnen; spuit deze af met water of gebruik zeepsop. Slakken eten graag aan het jonge blad in het voorjaar—strooi slakkenkorrels of zet biervallen uit bij aantasting.

Meer over deze plant

Combineert goed met

Gerelateerde gidsen

Gratis verzorgings-herinnering

Vergeet nooit meer iets voor je papaver

Ontvang een melding wanneer het tijd is om je papaver te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.