
Veldsla
Valerianella locusta
Engels: Lamb's lettuce
Veldsla (Valerianella locusta) is een eetbaar groente uit de familie Caprifoliaceae die tot 15 cm hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon tot halfschaduw en vraagt weinig onderhoud.
5–15 cm
10–15 cm
volle zon, halfschaduw
gemiddeld
leemgrond, zandgrond
weinig onderhoud
Verzorgingskalender
| Taak | Jan | Feb | Mrt | Apr | Mei | Jun | Jul | Aug | Sep | Okt | Nov | Dec |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 🌱Planten | ||||||||||||
| 🍎Oogsten |
Verzorgingstips
Planten
Veldsla zaai je bij voorkeur van augustus tot en met oktober, zodat je in de herfst- en wintermaanden verse sla kunt oogsten. Deze koude-minnende groente gedijt uitstekend op een plek in volle zon of halfschaduw. Kies een locatie waar eerder in het seizoen andere groenten hebben gestaan, zoals tomaten of courgettes; veldsla is een ideale najaarsgroente om lege bedden opnieuw te benutten. Bereid de grond voor door onkruid te verwijderen en de bovenlaag licht los te harken. Veldsla stelt weinig eisen aan de grond en groeit prima op zowel leemgrond als zandgrond, zolang de grond maar goed doorlatend is en niet te voedselrijk. Te veel stikstof leidt namelijk tot slap blad dat vatbaarder is voor ziekten. Een licht bemeste of uitgeputte grond is daarom zelfs gunstig. Zaai de zaadjes breedwerpig of in rijen met een onderlinge afstand van ongeveer 15 cm. Dek de zaadjes af met een dun laagje grond van maximaal 1 cm; veldsla is een lichtkiemer en mag niet te diep worden gezaaid. Druk de grond licht aan en houd het zaaibed gelijkmatig vochtig totdat de zaadjes kiemen, wat meestal binnen 10 tot 14 dagen gebeurt. Bij warm weer in augustus kan kieming trager verlopen; zaai dan bij voorkeur aan het eind van de maand of begin september. Zodra de plantjes een paar echte blaadjes hebben, kun je ze uitdunnen tot een plantafstand van ongeveer 10 cm. Dit geeft elke plant voldoende ruimte om een mooi rozet te vormen. Direct na het zaaien en uitdunnen is het belangrijk om regelmatig water te geven, vooral als het droog is. Een dun laagje compost of gehakseld blad als mulch helpt de grond vochtig te houden en beschermt de jonge plantjes tegen vorst later in het seizoen.
Snoeien
Veldsla hoeft niet gesnoeid te worden in de traditionele zin van het woord. Deze lage, rozet-vormende bladgroente groeit slechts 5 tot 15 cm hoog en ontwikkelt geen houtige stengels of takken die je moet inkorten. Het enige "snoeien" dat je doet, is eigenlijk het oogsten van de bladeren, en dat doe je op een manier die de plant stimuleert om door te groeien. Je kunt veldsla op twee manieren oogsten. De eerste methode is het plukken van losse buitenste bladeren. Knip of pluk voorzichtig de grootste bladeren aan de buitenkant van het rozet af, terwijl je het hart intact laat. Hierdoor blijft de plant doorgroeien en kun je meerdere keren oogsten van dezelfde planten. Gebruik een scherp mesje of een schaar om de bladeren net boven de grond af te knippen, zodat je de wortels niet beschadigt. Deze methode werkt het beste als je regelmatig oogst, bijvoorbeeld elke week een paar bladeren per plant. De tweede methode is het afsnijden van het hele rozet in één keer, ongeveer 1 tot 2 cm boven de grond. Als de omstandigheden gunstig zijn en de plant nog niet te oud is, kan het hart opnieuw uitlopen en een tweede oogst opleveren. Dit werkt vooral goed bij planten die je vroeg in het seizoen hebt gezaaid, in augustus of begin september. Verwijder altijd eerst gele of beschadigde bladeren, want die kunnen schimmelziekten aantrekken, vooral in de vochtige herfst- en wintermaanden. Let erop dat je niet te diep snijdt bij het oogsten; als je de groeipunten beschadigt, sterft de plant af. Oogst bij voorkeur op een droge dag, zodat de snijwonden snel kunnen drogen en het risico op rotting minimaal is.
Onderhoud
Veldsla is een onderhoudsvriendelijke groente die weinig verzorging vraagt, maar een paar basiszaken zijn wel belangrijk. Watergeven doe je met mate: houd de grond gelijkmatig vochtig, vooral tijdens droge perioden in de herfst. Veldsla heeft een gemiddelde waterbehoefte en verdraagt geen langdurige droogte, maar ook geen drassige grond. Geef bij droogte één tot twee keer per week water, afhankelijk van het weer. In de winter is extra water zelden nodig, tenzij er sprake is van een lange vorstvrije, droge periode. Bemesten is niet nodig en zelfs af te raden. Veldsla groeit het beste op matig voedselarme grond. Te veel stikstof zorgt voor slap, waterig blad dat gevoelig is voor schimmelziekten zoals valse meeldauw. Als je grond al bemest is van eerdere teelten, is dat meer dan voldoende. Zaai veldsla dus nooit op vers bemeste bedden. Winterhardheid is een groot pluspunt van veldsla: de plant is winterhard tot zone 4 en overleeft vorst tot ongeveer -15 °C zonder problemen. In strenge winters kun je de planten beschermen met een laagje stro, rijshout of een vlies, vooral als ze nog klein zijn. Dit voorkomt vorstschade aan de bladeren en verlengt de oogstperiode. In milde winters kun je vaak tot in maart blijven oogsten. Veldsla is vrij resistent tegen ziekten, maar valse meeldauw kan voorkomen, vooral bij vochtig, koel weer. Herken je gelige vlekken op de bladeren met een grijze schimmellaag aan de onderkant, verwijder dan aangetaste planten direct. Voorkom problemen door niet te dicht te zaaien, zodat er voldoende luchtcirculatie is. Slakken en naaktslakken zijn de belangrijkste plagen; controleer regelmatig en verwijder ze handmatig of gebruik milieuvriendelijke slakkenkorrels. Onkruid wieden doe je voorzichtig met de hand, omdat de wortels van veldsla ondiep zitten.
Meer over deze plant
Combineert goed met
Gerelateerde gidsen
Vergeet nooit meer iets voor je veldsla
Ontvang een melding wanneer het tijd is om je veldsla te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.