Peterselie (Petroselinum crispum)
Foto: Franz Eugen Köhler, Köhler's Medizinal-Pflanzen / Wikimedia Commons / Public domainbron

Peterselie

Petroselinum crispum

Engels: Parsley

kruidApiaceaeEetbaar

Peterselie (Petroselinum crispum) is een eetbaar kruid uit de familie Apiaceae die tot 40 cm hoog wordt. Deze plant doet het goed in volle zon tot halfschaduw en vraagt weinig onderhoud. Bloeit in de zomer met gele bloemen en trekt bijen en vlinders aan.

Hoogte

20–40 cm

Breedte

15–30 cm

Zonligging

volle zon, halfschaduw

Waterbehoefte

gemiddeld

Grondsoort

leemgrond, kleigrond

Onderhoud

weinig onderhoud

Bloeitijd

zomer

Bloemkleuren

gele

Ecologische waarde

Trekt bijen aan
🦋 Trekt vlinders aan

Verzorgingskalender

TaakJanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDec
🌱Planten
✂️Snoeien
💧Bemesten
🍎Oogsten
Krijg een mail wanneer dit moment voor jouw peterselie aanbreekt.

Verzorgingstips

Planten

Peterselie zaai je het beste in april of mei, zodra de grond opgewarmd is tot minimaal 10 °C. Kies een plek in volle zon of halfschaduw; peterselie verdraagt lichte schaduw goed en kan zelfs beter presteren in halfschaduw tijdens hete zomers, omdat de bladeren dan minder snel verschroeien. De plant gedijt uitstekend in leemgrond of kleigrond die voldoende vocht vasthoudt maar niet waterziek wordt. Bereid de grond voor door deze los te spitten en eventuele onkruiden te verwijderen. Werk wat compost door de bovenste laag om de structuur en het voedingsniveau te verbeteren. Peterselie heeft een penwortel en houdt niet van verplanten, dus zaai bij voorkeur direct op de eindstandplaats. Zaai de zaden oppervlakkig, hooguit 1 cm diep, in rijen met 20 cm tussenruimte. De kieming kan traag zijn en duurt vaak twee tot vier weken; week de zaden eventueel een nacht in lauw water om het proces te versnellen. Na opkomst dun je de zaailingen uit tot een plantafstand van ongeveer 20 cm, zodat elke plant voldoende ruimte krijgt om een flinke rozet te vormen. Als je liever met voorgeweekte plantjes werkt, plant deze dan op dezelfde afstand en zorg dat de wortelkluit net onder het maaiveld komt. Geef direct na het zaaien of planten goed water en houd de grond de eerste weken vochtig om de kieming en aanslag te bevorderen. Een dun laagje compost of goed verteerde mest als mulch helpt vocht vast te houden en onkruid te onderdrukken. Peterselie kan ook prima in potten of bakken op het balkon, mits de pot minimaal 20 cm diep is voor de penwortel.

Snoeien

Peterselie is een kruid dat je niet snoeit in de traditionele zin, maar wel regelmatig oogst om de plant vitaal en productief te houden. De belangrijkste "snoei"-momenten vallen in april, mei en augustus, wanneer je actief bladeren knipt voor gebruik in de keuken. Door regelmatig te oogsten stimuleer je de plant om nieuw blad te vormen en voorkom je dat de plant te snel gaat bloeien. Knip steeds de buitenste, oudere bladstelen af, vlak boven de grond, en laat het hart van de rozet intact. Gebruik een scherp mesje of een schone schaar om beschadiging te voorkeren. Oogst nooit meer dan een derde van de bladmassa tegelijk, zodat de plant voldoende fotosynthese-oppervlak overhoudt om door te groeien. In het eerste jaar blijft peterselie vegetatief en kun je doorlopend oogsten van mei tot en met september. In het tweede jaar (peterselie is tweejaarlijks) zal de plant in de zomer gaan bloeien met gele bloemschermen. Zodra je ziet dat bloemstengels verschijnen, kun je deze direct wegknippen in april of mei om de bladproductie te verlengen. Echter, eenmaal in bloei vermindert de bladkwaliteit sterk: de bladeren worden bitter en taaier. Op dat moment is het verstandig om de plant te laten bloeien voor zaadvorming of om haar te verwijderen en verse peterselie te zaaien. Als je zaad wilt oogsten, laat dan de bloemen staan tot augustus en knip de rijpe zaadschermen af. Voor doorlopende oogst van vers blad is het aan te raden elk jaar opnieuw te zaaien en oude planten na bloei te vervangen.

Onderhoud

Peterselie vraagt om een gelijkmatig vochtige grond, vooral tijdens droge perioden in de zomer. Geef wekelijks water als het niet regent, zodat de bodem niet uitdroogt maar ook niet drassig wordt. Leem- en kleigrond houden vocht goed vast, maar controleer regelmatig of de toplaag niet te hard opdroogt. In potten moet je vaker water geven, soms zelfs dagelijks bij warm weer. Bemesten doe je bij voorkeur in april, aan het begin van het groeiseizoen. Werk een handvol compost of een organische meststof met een gematigd stikstofgehalte door de bodem. Te veel stikstof leidt tot weelderig maar slap blad met minder smaak. Een eenmalige gift volstaat meestal voor het hele seizoen; peterselie is geen zware vreter. In potten kun je halverwege de zomer eventueel een lichte vloeibare voeding geven. Peterselie is winterhard in zone 5a–9b en overleeft de Nederlandse winter meestal zonder problemen, vooral in het eerste jaar. Bedek de planten in strenge winters met een laagje stro of dennentakken om vorstschade aan het blad te beperken. In het tweede jaar bloeit de plant en sterft daarna af, dus overwinteren is vooral zinvol voor eenjarige planten die je in het voorjaar hebt gezaaid. Veelvoorkomende problemen zijn bladluizen en wortelvlieg. Bladluizen spoel je af met water of bestrijdt je met groene zeep. Wortelvlieg, een plaag uit de Apiaceae-familie, legt eitjes bij de wortelhals; voorkom dit door fijnmazig insectengaas over jonge planten te leggen. Schimmelziekten zoals meeldauw komen voor bij te vochtige omstandigheden; zorg voor goede drainage en voldoende plantafstand. Mulchen met compost helpt onkruid te onderdrukken en de bodem koel en vochtig te houden.

Meer over deze plant

Veelvoorkomende problemen bij peterselie

Combineert goed met

Gerelateerde gidsen

Gratis verzorgings-herinnering

Vergeet nooit meer iets voor je peterselie

Ontvang een melding wanneer het tijd is om je peterselie te planten, snoeien, bemesten of oogsten — alleen wat voor jouw plant van toepassing is, op het juiste moment.